Grondwater

Grondwater in Rijn-West

Grondwater is een integraal onderdeel van de Kaderrichtlijn Water (KRW). Ook voor grondwater zijn KRW-doelen gesteld en worden -waar nodig- maatregelen genomen.

Grondwater is onder andere belangrijk voor de winning van drinkwater en proceswater voor de industrie, voor beregening maar ook voor de watervoorziening en daarmee de kwaliteit van natuurgebieden.

Deze pagina geeft een overzicht van de belangrijkste onderwerpen rond grondwater en de krw.

In November 2014 is het Achtergronddocument Grondwater verschenen.

Het Achtergronddocument Grondwater is een ambtelijk technisch achtergrond document met een toelichting op grondwateraspecten behorend bij het stroomgebiedsbeheerplan (SGBP). Centraal in het document staan de doelen en de onderbouwing van de risicoanalyse en de toestandbeoordeling van het grondwater zoals opgenomen in de factsheets grondwater. Daar waar relevant en beschikbaar is naast de verplichte KRW informatie aanvullende regionale informatie weergegeven. Hoewel de eindbeoordeling van de grondwaterlichamen (GWL) uiteraard niet verschilt van die in het SGBP, geeft dit achtergrond document op een aantal punten meer informatie.

Het achtergronddocument bundelt informatie die gebruikt wordt voor de verschillende KRW-rapportages. Er is niet per se gestreefd naar een rapport dat ‘van kaft tot kaft’ gelezen zal worden. Wel naar een rapport waarin per onderdeel staat aangegeven welke informatie of data gebruikt is, hoe en waarom deze data bewerkt is en wat daarvan de KRW-relevantie of conclusie is.

Het document is opgesteld vanuit de werkgroep grondwater Rijn-West, in het kader van de implementatie van Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Dit document wordt niet bestuurlijk vastgesteld en heeft daarom geen andere status dan dat van een ‘ambtelijk technisch achtergrond document’.

Download het Achtergronddocument Grondwater (pdf versie).

(een Word-versie is te vinden in het Virtueel kantoor bij Projectteam Rijn-West.)

Drie hoofdpunten

Voor grondwater zijn drie specifieke onderwerpen van belang:

  1. grondwaterbeschermingsgebieden voor drinkwaterwinning,
  2. natuurgebieden (Natura 2000),
  3. uitwisseling grondwater – oppervlaktewater.

De provincies in Rijn-West zijn eindverantwoordelijk voor deze onderwerpen.

Aanpak grondwaterbeschermingsgebieden

Voor grondwaterbeschermingsgebieden zijn gebiedsdossiers opgesteld samen met betrokken actoren (met name drinkwaterbedrijven en gemeenten).

Drinkwaterwinning bij Castricum

De gebiedsdossiers beschrijven de toestand en mogelijke bedreigingen voor de winning. Vervolgens worden de benodigde maatregelen in beeld gebracht. Waar het om KRW-maatregelen gaat krijgen deze een plaats in het komende Stroomgebiedbeheerplan (SGBP).

Aanpak grondwater in Natura 2000 gebieden

Voor ieder Natura 2000 gebied een beheerplan opgesteld in overleg tussen rijk, provincie, terreinbeheerders en waterschappen. In dit overleg wordt het onderwerp grondwater ingebracht, de provincies bepalen uiteindelijk of de toestand van het grondwater voldoet aan de natuurdoelen en of maatregelen nodig zijn. De in de beheerplannen afgesproken maatregelen worden in principe overgenomen in het Stroomgebiedbeheerplan. Het opstellen van de beheerplannen heeft een eigen procedure en besluitvorming die niet gekoppeld is aan het SGBP-2.

Aanpak relatie grondwater-oppervlaktewater

Voor oppervlaktewater bepalen de provincies in overleg met de waterschappen of er knelpunten zijn in oppervlaktewater die veroorzaakt worden door grondwaterverontreiniging of -onttrekking. Als dat zo is worden in overleg maatregelen gepland die dan nodig zijn. Hierbij wordt ook gekeken naar afwenteling.

De stand van zaken bij deze onderwerpen verschilt per gebied. Is sommige gevallen zijn deze processen al doorlopen, in andere gebieden is het overleg nog gaande of moet het nog plaatsvinden.

Hieronder vindt u een globaal overzicht van de stand van zaken begin 2013, afkomstig uit de Rijn-West voortgangsrapportage “Schoon Water in Beeld 2013”.

Stand van zaken gebiedsdossiers

Het opstellen van de gebiedsdossiers voor drinkwaterwinning en onderzoek naar mogelijk verontreinigde bodemlocaties is vrijwel afgerond. Voor een aantal van de minst kwetsbare winningen zal nog in 2014 een gebiedsdossier worden opgesteld.

Een zestal verontreinigde locaties is aangemerkt als spoedlocatie, vanwege een verspreidingsrisico richting de kwetsbare winningen. Hier moeten saneringsmaatregelen worden getroffen. Het streven is dat uiterlijk 2015 de aanpak van de spoedlocaties is gestart. Het is echter de vraag in hoeverre dit voor de spoedlocaties met verspreidingsrisico’s realistisch is.

Daarnaast is voor een aantal verontreinigde locaties monitoring noodzakelijk, de plannen hiervoor zijn opgesteld en de monitoring is gestart. In Noord-Holland wordt een aantal op preventie gerichte maatregelen uitgewerkt. In Gelderland wordt één waterwinning gesloten, daarvoor wordt geen gebiedsdossier meer opgesteld.

De geplande maatregelen gericht op bestrijdingsmiddelen in beschermde waterwinningen zijn in Zuid-Holland en Utrecht voor het grootste deel gereed.

Stand van zaken Natura 2000 gebieden

Bij de uitvoering van maatregelen in de Natura 2000 gebieden is het beeld gemengd. De provincie voert de regie bij het opstellen van N2000 beheerplannen, de uitvoering van veel maatregelen ligt deels bij de waterschappen.

In een aantal gebieden is er een (concept) N2000 beheerplan en is de uitvoering van hydrologische maatregelen in volle gang. Dat geldt bijvoorbeeld voor de Nieuwkoopse Plassen. In andere gebieden is een beheerplan vastgesteld en kan de uitvoering starten, zoals Voordelta, Oudeland van Strijen en Broekvelden, Vettenbroek & Polder Stein in Zuid-Holland. In de Utrechtse N2000-gebieden wordt de uitvoering van een deel van de voorgenomen maatregelen voorbereid of is nog in een planvormingsfase. De uitvoering van de wateropgave in deze gebieden is vertraagd, met name omdat er voor de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) eerst veel moest worden uitgezocht. Ook is er nog steeds veel onduidelijkheid over de financiën (zowel vanuit PAS en LIFE+ subsidie). De aanwijzingen voor N2000 zijn nog niet definitief.

Meetronde grondwaterkwaliteit

In 2012 is er een KRW-meetronde uitgevoerd voor de grondwaterkwaliteit. Daaraan voorafgaand zijn de grondwatermeetnetten geoptimaliseerd. De voorlopige uitkomsten geven aan dat er in de individuele stoffen en in het algehele beeld weinig veranderingen zijn waargenomen ten opzichte van de metingen in 2006. Op sommige plaatsen is de concentratie nitraat wat hoger. De kwaliteit laat in het algemeen geen achteruitgang zien (geen normoverschrijding). De kwantiteit ziet er stabiel uit.

Rol van de provincie

De watertaken zijn zo verdeeld dat de provincies gaan over het grondwater. Zij zijn ook verantwoordelijk voor de KRW-maatregelen voor het (diepere) grondwater.

Het doel is zorgen dat er voldoende (niet teveel of te weinig) grondwater van voldoende kwaliteit op een bepaalde plek is. De provincies hebben 3 typen instrumenten:

  • Vergunningverlening en handhaving op om de bodem te beschermen in of bij gebieden waar drinkwater wordt gewonnen (grondwaterbescherming & bodembescherming) en vergunningen geven voor oppompen van grondwater en aanleg bodemenergie
  • Continu meten van de standen van grondwater (de kwantiteit) en regelmatig meten van chemische kwaliteit en dat centraal registeren (grondwatermeetnet). In het verlengde hiervan worden vergunningen beoordeeld.
  • Bestrijden van verdroging van natuur met een scala aan maatregelen.

Meer informatie

U kunt bovenstaande informatie ook downloaden in een handzame factsheet (doc, 82 kB).