Interview Van Uem

Wethouder van Uem, gemeente Oost Gelre:

“Alleen ga je sneller, samen kom je verder”

Water is een vertrouwd onderwerp voor wethouder Vincent van Uem van de gemeente Oost Gelre.

Na een studie weg- en waterbouw werkte hij meer dan 30 jaar in watersector. Sinds 2010 is Van Uem wethouder waar hij “met veel plezier” water in de portefeuille heeft.

Dit is een interview in een serie over de voortgang van het werken aan waterkwaliteit in Rijn-Oost. Voor het overzicht zie deze pagina.

Hoe zien gemeenten de ontwikkeling van de waterkwaliteit?

Foto 3 Vincent van Uem kl“Ik proef duidelijk meer betrokkenheid van gemeenten bij waterkwaliteit en bij Rijn-Oost. Vroeger was het toch vooral een feestje van waterschappen en provincies, daar is verandering in gekomen. Als je in het gebied met concrete maatregelen aan het werk gaat, dan raakt het de gemeente. In de praktijk zie je op die manier een betrokkenheid van de gemeente bij de wateropgave. Ik heb daar een goed gevoel bij.”

“In de gemeente zie je dat we steeds verder gaan met afkoppelen. Dat betekent minder overstorten en dat is goed voor de waterkwaliteit. Ik zie in onze gemeente ook een toenemende bewustwording van de wateropgave, zowel bij burgers als bij de gemeenteraad. De wateroverlast in 2010 heeft daar ongetwijfeld een rol bij gespeeld."

Bewust naar het water kijken

"We kijken heel bewust naar het water, ook bij de inrichting van stedelijk gebied. Het gaat om voorkomen van wateroverlast, maar net zo belangrijk is water vasthouden in droge tijden. Zoetwater vasthouden is zeker voor de hoge zandgronden heel belangrijk. Ik zie dat de burger daar bewuster mee om gaat, en ik zie dat ook bij de gemeentebesturen. Een voorbeeld daarvan is de intentieverklaring Ruimtelijke Adapatatie, die de Achterhoekse gemeenten in 2014 hebben ondertekend.”

Met elkaar slimme dingen bedenken

Van Uem zit pas sinds 2014 in het RBO, en heeft dus maar een beperkt zicht op de samenwerking voor die tijd: “Maar ik merk wel dat we het tegenwoordig vaak hebben over Rijn-Oost, en dat is bijzonder en mooi. Je moet over grenzen heen kijken, ook over provinciegrenzen. Ik zeg altijd: alleen ga je sneller, samen kom je verder. Samenwerken gebeurt overigens niet alleen in Rijn-Oost-verband.”

Water voor natuur, economie en recreatie

“Een mooi voorbeeld van wat je met samenwerking kan bereiken is het gebied rond de kern van Lichtenvoorde (Besselinkschans). Daar gaan we op korte termijn aan de slag. Er moet een retentiegebied komen om wateroverlast zoals in 2010 te voorkomen. Het is een fors gebied met verschillende functies. Zo ligt er bijvoorbeeld het terrein waar de Zwarte Cross wordt gehouden. Er ligt een belangrijke opgave voor zowel water als voor natuur, voor economie en recreatie. De contacten zijn er goed en we weten elkaar steeds beter te vinden. En dan kun je maatregelen gaan stapelen, bijvoorbeeld waterberging koppelen aan gebruik van het gebied voor het festival. Met elkaar kun je zo slimme dingen bedenken.”

Wat is de belangrijkste opgave voor komende jaren?

“Als waterman zeg ik: het is belangrijk dat we goed omgaan met klimaatverandering. Zeker ook het vasthouden van zoet water in droge tijden. Verder maak ik mij wat zorgen over vervuiling door gewasbeschermingmiddelen, medicijnresten en micro-verontreinigingen. We overzien de gevolgen daarvan nog niet helemaal, maar als je kijkt naar wat er over bekend is concludeer ik dat daar nog een flinke klus ligt. Dat vraagt om nieuwe zuiveringstechnieken, maar voor een deel ook aanpak aan de bron. Dat in beeld krijgen is nog een hele opgave. De zorg over de beschikbaarheid van zoet water vraagt om koppeling van de wateropgave met de inrichting van een gebied. In stedelijk gebied gaat het om meer afkoppelen, zorgen voor grotere sponswerking van de bodem en om retentiegebiedjes om het water vast kunt houden. Dat kan je mooi combineren met meer groen in het stedelijk gebied, en daarmee wordt tegelijk de omgeving aantrekkelijker.”