Afvloeiend hemelwater particulieren

Hemelwater moet bij voorkeur lokaal in het milieu terecht komen. Het lozen van hemelwater van particuliere woningen is geregeld via het Besluit lozing afvalwater huishoudens (BLAH).

Naast de regels uit het BLAH kan er lokaal ook een verordening bestaan. Deze verordening kan gebiedsgerichte regels stellen aan lozingen van afvloeiend hemelwater vanuit huishoudens. Deze mogelijkheid volgt uit artikel 10.32a van de Wm. Ook de voorkeursvolgorde van de wetmilieubeheer speelt een rol.

In het activiteitenbesluit staan de eisen voor de afvoer van hemelwater als het gaat om bedrijven, inrichtingen. De eisen voor de lozing uit het openbaar gebied of buitenruimte staan in het Besluit lozen buiten inrichtingen.

  • Vindplaats
  • Verboden en voorwaarden
  • Maatwerk
  • Achtergrond informatie
  • Controle aspecten

Vindplaats

Het lozen van hemelwater van particuliere woningen valt onder artikel 4 Besluit lozing afvalwater huishoudens: de zorgplicht. De nota van toelichting van dit besluit (Staatsblad 468, 2007) is hier verwerkt.

Verboden en voorwaarden

BBT

Afstromend hemelwater is water dat uit de hemel valt zoals: regen, sneeuw en hagel en dauw. De wetgever ziet dit als afvalwater. Door de kwaliteit van hemelwater heeft deze afvalwaterstroom een bijzondere positie. Het gaat namelijk om een schone afvalwaterstroom.

Dit komt ook omdat hemelwater gewoon direct in 'het milieu' kan komen. Voor afstromend hemelwater is het BBT (beste beschikbare techniek) om dit afvalwater zo snel mogelijk in de directe omgeving terug te brengen. Dit volgt uit de voorkeursvolgorde die in artikel 10.29a van de Wm staat. Het is niet de bedoeling om hemelwater op het vuilwaterriool te lozen.

Om hemelwater direct in de omgeving te krijgen is het soms nodig om hemelwater eerst op te slaan. Dit noemt men ook wel het bufferen van hemelwater. Het snel terug brengen van hemelwater kan bijvoorbeeld door het afvalwater te lozen:

  • in de bodem
  • direct in het oppervlaktewater
  • via een hemelwaterriool op oppervlaktewater

Daarom is de eigenaar van een terrein ook als eerste verantwoordelijk voor de afvoer van hemelwater.

Verantwoordelijkheid

Het is BBT om dit schone afvalwater zo snel mogelijk weer terug te brengen in "het milieu". Daarom is de eigenaar van het terrein als eerste verantwoordelijk voor de afvoer van het hemelwater. Dit volgt ook uit artikel 4 lid 2 onder e van het Blah doelmatig beheer van afvalwater.

Anders dan bij de andere huishoudelijke afvalwater stromen heeft de gemeente geen (zorg)plicht om te zorgen voor afvoer van hemelwater. Alleen wanneer het niet doelmatig is voor een particulier om te zorgen voor eigen afvoer van hemelwater kan de gemeente dit verzorgen. Bijvoorbeeld door het aanleggen van een schoonwaterriool. De gemeenten zijn verplicht de zorg voor het hemelwater uit te werken in het (GRP).

Wanneer uit een meting blijkt dat het hemelwater te verontreinigd is, moet het afvalwater ter plaatse te worden gezuiverd. Bijvoorbeeld in een helofytenfilter. Daarna kan het te lozen afvalwater lokaal in het milieu terecht komen. Het Blah biedt mogelijkheden om hier maatwerkvoorschrift eisen voor te schrijven.

Schematische weergave regelgeving voor hemelwater en grondwaterHet lozen van hemelwater afkomstig van huishoudens op het vuilwaterriool is niet verboden. Dit volgt uit de combinatie van artikel 2 lid 3 en de definities van artikel 1 van het Blah. In het Blah staat niet hard dat nieuwe lozingen van Afvloeiend hemelwater niet op het vuilwaterriool mag. Dat dit niet de bedoeling is blijkt wel indirect uit artikel 4 lid 2 onder e. Bij een nieuwe bedrijfsmatige lozingen (Het Activiteitenbesluit) is dit wél verboden.

Maatwerk

Op basis van de zorgplicht kunnen maatregelen ook expliciet gemaakt worden als maatwerk.  De gemeente kan als maatwerkregel bij  huishoudens verplicht stellen dat het afvloeiend hemelwater moet worden afgekoppeld van het vuilwaterriool. Bijvoorbeeld, omdat er een andere lozingsroute beschikbaar is. Het heeft alleen wel de voorkeur dat afkoppeling op vrijwillige basis plaats vindt.

Om maatwerk te kunnen voorschrijven is is het wenselijk dat hiervoor vastgesteld beleid is. Dit staat dan in het gemeentelijk riolering plan (GRP). In het GRP is ook lokaal beleid over de zorgplicht voor hemelwater vastgelegd. De gemeente kan daarom het GRP gebruiken om dit maatwerkvoorschrift te onderbouwen met argumenten. Ook bij voorlichting, om vrijwillig af te koppelen, kan men de benodigde argumenten uit het GRP halen.

Op basis van de zorgplicht kan het bevoegde gezag ook maatwerk opleggen om hemelwater schoon te houden.

Melden lozen hemelwater

Voor lozingen vanuit particuliere huishoudens is nooit een eigen vergunning of ontheffing nodig. Het kan wel voorkomen dat soms maatwerk op de algemene regels nodig is.

Daarom moet een (eerste) lozing vanuit een nieuwe woning of wooncomplex wel worden gemeld. Meestal is de gemeente het bevoegde gezag voor de melding.

Achtergrond informatie

De huidige praktijk staat nog ver af van die voorkeur. In stedelijk gebied wordt afvloeiend hemelwater nog via een gemengd rioolstelsel afgevoerd. Dus samen met huishoudelijk afvalwater.

Meestal mag men afvloeiend hemelwater van daken van huishoudens zonder voorwaarden lozen op:

  1. het oppervlaktewater,
  2. in de bodem of
  3. een rioolstelsel.

Hierop bestaan een drietal uitzonderingen. In deze gevallen zijn er wel voorwaarden nodig:

  1. Als dat lokaal nodig is voor de bescherming van de kwaliteit van het oppervlaktewater of de bodem. Dan kan het bevoegde gezag via een maatwerkvoorschrift (artikel 4, tweede lid Blah), maatregelen eisen voordat de burger loost.
    De verwachting is dat van die mogelijkheid bij de hierboven genoemde gebruikelijke toepassingen van bouwmetalen geen gebruik behoeft te worden gemaakt. Alleen als men kiest voor ongebruikelijke bouwconstructies kan het wel nodig zijn. Voorbeeld: de gevel of het dak is voor een groot deel van uitloogbaar materiaal vervaardigd. Dan kan in het hemelwater dat langs deze bouwmaterialen stroomt, beduidend meer uitgeloogde stoffen zitten dan normaal. Het bevoegd gezag zou dan een maatregel kunnen voorschrijven. Die maatregel beperkt of wel de uitloging, ofwel de uitgeloogde stoffen zuivert men voor de lozing.
  2. In het belang van de bescherming van de bodem, of de RWZI mogen burgemeester en wethouders voor een gebied regels stellen aan lozingen van afvloeiend hemelwater vanuit huishoudens.
    Die mogelijkheid om bij verordening gebiedsgerichte regels te stellen volgt uit artikel 10.32a van de Wm. Voor het bieden van de mogelijkheid om bij verordening regels te stellen, is bewust gekozen. Stel dat voor een heel gebied het gewenst is om regels te stellen aan hemelwater lozingen. Dan zou het bevoegde gezag per huishouden maatwerk moeten opleggen.  De verordening geldt ook voor een voorziening voor inzameling en transport van afvalwater. Dus een openbaar vuilwaterriool of een openbaar hemelwaterstelsel. 
    Deze mogelijkheid heeft geen betrekking op directe lozingen vanuit huishoudens in het oppervlaktewater. Die lozingen vallen namelijk niet onder de Wm, maar onder de Waterwet.
  3. Voor het kunnen behalen van de doelstellingen van het hemelwaterbeleid.

Dit derde punt is vooral van belang daar waar lozingen van afvloeiend hemelwater nog op een gemengde stelsel plaatsvindt. Zo heeft de gemeente mogelijkheden om deze lozingen op termijn te beëindigen. Dus van het openbaar vuilwaterriool «af te koppelen».

Dit afkoppelen kan als voor afvloeiend hemelwater bijvoorbeeld een afzonderlijk stelsel wordt aangelegd. Of als van huishoudens in het gebied in redelijkheid gevraagd kan worden om het afvloeiend hemelwater zelf in het milieu terug te brengen. Bijvoorbeeld door te lozen in het oppervlaktewater of op of in de bodem.

Bij de onder 2 genoemde verordening kan het bevoegde gezag daarom een termijn vaststellen. In deze periode moet de burger samen met het bevoegde gezag het «afkoppelen» realiseren.

Aanpalende wetgeving

Wet milieubeheer

Het afvloeiend hemelwater moet bij voorkeur lokaal in het milieu terecht komen. Deze voorkeur volgt uit de voorkeursvolgorde die is vastgelegd in artikel 10.29a van de Wm.

Een lokale verordening kan gebiedsgerichte regels stellen aan lozingen van afvloeiend hemelwater vanuit huishoudens. Deze mogelijkheid volgt uit artikel 10.32a van de Wm. Dit is in de Wm opgenomen via de Wet gemeentelijke watertaken. Het geldt ook breder dan voor lozingen vanuit huishoudens.

Wet op de gewasbeschemingmiddelen en biociden (Wgb)

Professionele gebruikers mogen volgens de Wet op de gewasbeschemingmiddelen en biociden (Wgb) geen gewasbeschermingsmiddelen toepassen buiten de landbouw. Voor toepassing van gewasbeschermingsmiddelen zijn toepassingsvoorschriften gesteld in de Wgb.

Bouwmaterialen

Als het regent kunnen stoffen uit de gebruikte materialen vrij komen. Dit noemt men uitloging. Hierdoor wordt door hemelwater verontreinigd en komen deze stoffen in de bodem of het oppervlaktewater. Voor bouwstoffen is vaak onderzocht of uitloging kan plaatsvinden.

Bij gebruik van gecertificeerde bouwmaterialen mag men hemelwater op de bodem of oppervlaktewater, hemelwaterriool lozen. De gecertificeerde bouwmaterialen kunnen herkend worden aan de CE-markering. Deze materialen gebruikt men bij bedrijven en huishoudens. Daarom staan er geen voorschriften in het Activiteitenbesluit.

Controleaspecten

Wordt bij hemelwaterlozing aan de zorgplicht voldaan?

  • Geen onnodige vervuiling tijdens het afstromen van hemelwater?
  • Bij controle kan blijken dat bij het gebruik van gecertificeerde, maar bijzondere, bouwmaterialen de lozing van vervuilende stoffen beduidend hoger is dan normaal in hemelwater. Als dit een gevaar is voor waterkwaliteitsdoelstellingen of bescherming van de bodem, zijn extra maatregelen gewenst. De maatregel moet wel:

    • de uitloging beperken
    • de uitgeloogde stoffen voor de lozing tegenhouden.

Samenwerking bevoegde gezagen.

Bij controle is een goede samenwerking tussen waterbeheerder en Wabo-bevoegd gezag gewenst. Namelijk als een openbare ruimte waar het hemelwater van afstroomt regelmatig verontreinigd is, mag men bij regen, sneeuw en hagel en of dauw, een lozing van vervuild afvalwater verwachten. Deze verontreinig zal dan in het milieu te recht komen.

Als normaal gesproken een lozing van dit hemelwater plaatsvindt op oppervlakte water, kan een waterbeheerder moeilijk optreden als het er geen neerslag is van hemelwater. Er vindt dan namelijk geen lozing plaats in het oppervlaktewater. Eventueel opgelegd maatwerk is dan makkelijker handhaafbaar door het wabo-bevoegd gezag. Ook kan het Wabo-bevoegd gezag in deze situatie de beheerder van de openbare ruimte makkelijker aanspreken op het gewenste preventieve gedrag.

Zie ook