Nieuwe gezichten bij het WBI-team

De afgelopen maanden zijn er twee belangrijke personele wisselingen bij het WBI-team geweest. Alessandra Bizzarri van RWS-WVL heeft de taken overgenomen van Harry Stefess die is gestopt als programmamanager WBI 2017. Bij Deltares heeft Annemargreet de Leeuw dit voorjaar Goaitske de Vries opgevolgd als projectmanager WBI. Zowel Bizzarri als De Leeuw zijn ervan overtuigd dat samenwerking met gebruikers de komende tijd cruciaal is om tot een goed werkend instrumentarium te komen.

Alessandra Bizzarri is aan de universiteit van Rome afgestudeerd als natuurkundige. Ze werkte bijna dertien jaar als wetenschappelijk onderzoeker bij onder meer de Radboud Universiteit Nijmegen, het European Space Agency (ESA) en de TU Delft. In 1999 ging ze bij Dienst Weg- en Waterbouw van Rijkswaterstaat aan de slag. Het WBI is geen onbekend terrein voor haar. Ze was onder andere projectleider voor het WTI 2011, de voorloper van het WBI. Verder werkte ze de afgelopen jaren aan de procedurele kant van het WBI. Zo was ze intensief betrokken bij de totstandkoming van bijlage 1 van de Ministeriële Regeling, de ‘Procedure regeling primaire waterkeringen’. Hierin zijn de stappen beschreven die beheerders moeten doorlopen bij het beoordelen van hun waterkeringen, evenals de rapportageverplichtingen.

Rijdende trein

“Toen ik begon, viel me direct op dat het WBI veel complexer en omvangrijker is dan het vorige programma”, vertelt Bizzarri. “Ook is de omgeving ingewikkelder. Wat dat betreft heb ik bewondering wat het WBI-team allemaal heeft gepresteerd. Zelf vond ik de eerste periode best lastig. Ik was op een rijdende trein gestapt en moest zorgen dat hij zijn snelheid behield. Ondertussen moest ik me zo snel mogelijk alle achtergronden en bijzonderheden eigen maken.”

“Inmiddels ben ik goed ingewerkt. Hoewel we het instrumentarium hebben opgeleverd besef ik goed dat we nog veel werk moeten verzetten. De nog ontbrekende onderdelen leveren we binnenkort op en we werken hard aan het verbeteren van de gebruiksvriendelijkheid van de software. Ik ben blij dat de beheerders die het instrumentarium nu al gebruiken voor het beoordelen van hun waterkeringen, hun ervaringen met ons delen. Daardoor krijgen wij goed in beeld welke verbeteringen we nog moeten doorvoeren en kunnen we alle ‘beoordelaars’ beter ondersteunen.”

Overstromingsrisico’s

Ook Annemargreet de Leeuw houdt zich al jaren bezig met waterveiligheid. Ze studeerde civiele techniek aan de TU Delft en startte haar carrière in 1990 als hydroloog bij het voormalige Waterbouwkundig Laboratorium. Ze werkte daar mee aan de toetsing van versterkingsplannen voor rivierdijken en aan het advies voor de commissie Watersnood Maas. Na ruim acht jaar stapte ze over naar de Dienst Weg- en Waterbouw. Daar hield ze zich bezig met waterkeren en overstromingsrisico’s. Zo was ze een van de trekkers van het eerste VNK-project. In 2005 ging ze aan de slag bij het RIKZ, waar ze afdelingshoofd werd van de afdeling kustbeleid. Na een reorganisatie is De Leeuw in 2008 bij Deltares gaan werken als hoofd van de afdeling Flood Risk Management. Deze afdeling maakt wereldwijd risico-analyses en adviseert over waterveiligheidsbeleid. Kort nadat ze projectmanager WBI was geworden, is De Leeuw gestopt als afdelingshoofd om al haar aandacht in het WBI te kunnen steken.

Cultuurverandering

Over het WBI zegt De Leeuw: “Dit is geen project maar een programma. Bij een project werk je van A naar B en dan ben je klaar. Dat geldt niet voor het WBI. Er zijn met de invoering van de nieuwe Wet zo veel dingen veranderd, dat er een cultuurverandering nodig is. Alle betrokken partijen moeten zich de komende jaren een nieuw gedachtegoed eigen maken en een nieuwe manier van werken aanleren met het nieuwe instrumentarium. Dat lukt alleen als wij als WBI-team hen ondersteunen en open staan voor al hun vragen en wensen.”