Context

context

In de rijksstructuurvisie komen strategische beslissingen aan de orde. Uitwerking vindt plaats in bestemmingsplannen. Het is voor waterbeheerders van groot belang dat zij een goede inbreng leveren op het strategisch niveau van de structuurvisie. Dat komt hun werk in het watertoetsproces van de bestemmingsplannen ten goede. Immers, bij bestemmingsplannen kunnen waterbeheerders alleen concrete en locatiegebonden waterbelangen inbrengen. Veel beslissingen (locatiekeuze, veranderingen in het nationale watersysteem) komen in een rijksstructuurvisie aan de orde. Om op bestemmingsplanniveau niet voor voldongen feiten te staan, is het dus nodig de waterbelangen al in de rijksstructuurvisie te waarborgen.

Nationaal belang
Waterbeheerders moeten opletten dat waterbelangen die voor hen en voor het rijk zwaar wegen in de structuurvisie betiteld zijn als ‘nationaal belang’. Dat geeft namelijk een basis om kaders te stellen voor bestemmingsplannen en voor eventuele ingrepen van het rijk. Het rijk kan het beleid opleggen als kader voor bestemmingsplannen door een algemene maatregel van bestuur of een proactieve aanwijzing voorafgaand aan een bestemmingsplanprocedure van een gemeente. Daarvoor is nodig dat het onderwerp is aangemerkt als ‘nationaal belang’. Wanneer waterbeheerders vinden dat in een bestemmingsplan de waterbelangen niet goed zijn afgewogen, kunnen ze het rijk (bijvoorbeeld de VROM inspectie) vragen om samen op te trekken in een zienswijze op dat bestemmingsplan. Buiten deze mogelijkheden voor kaderstelling en aanwijzingen is de rijksstructuurvisie niet bindend voor andere overheden.

Andere beleidsterreinen en wetgeving
Het ruimtelijk beleid van het rijk moet ook rekening houden met andere beleidsterreinen en wetgeving. Het Besluit ruimtelijke ordening noemt de aanwezigheid van beschermde natuurmonumenten die zijn aangewezen als Natura 2000-gebieden. De Natuurbeschermingswet 1998 stelt dat wanneer een structuurvisie ontwikkelingen bevat in of nabij die gebieden, het rijk de mogelijke negatieve effecten moet beoordelen.