Intrek van glasaal (jonge paling) en driedoornige stekelbaars

Na de paai van de Europese paling in de Sargassozee en het uitkomen van de eieren, maken de jonge palingen een lange reis naar Europa, die wel twee tot drie jaar in beslag neemt. Als transparante kleine aaltjes,  glasalen verschijnen de dieren elk voorjaar voor de kust.

Wij onderzoeken hoeveel glasalen bij IJmuiden binnentrekken, hoe makkelijk de passage van de zeesluizen gaat en hoe de verspreiding van de dieren vervolgens verloopt via het Noordzeekanaal naar de polders. Ook de passage van de glasalen bij de verschillende vispassages wordt onderzocht.

Hiertoe worden enkele duizenden glasalen gemerkt en bij IJmuiden uitgezet aan weerszijden van de zeesluizen. Datzelfde geldt voor zo’n duizend driedoornige stekelbaarsjes. Deze worden deels teruggevangen bij IJmuiden zelf en op diverse andere locaties langs het Noordzeekanaal. Aanvullend worden ook lokaal zogenoemde ‘merk- terugvangst’ experimenten uitgevoerd voor een (lokale) aanbodschatting bij de vispassages. Terugvangsten van glasaal gebeurt middels kruisnetten, netten bij vispassages en glasaaldetectoren. De vissen worden na het tellen zo snel mogelijk vrijgelaten om hun weg naar de polders voort te zetten waar ze de palingpopulatie aanvullen.

Glasaal, foto Geert Timmermans gemeente AmsterdamGlasaal, fotograaf: Geert Timmermans, gemeente Amsterdam

Merken van vis:

Bij het spui/maalcomplex IJmuiden de glasalen en stekelbaarzen gevangen en door specialisten voorzien van een VIE-tag (Visible Implant Elastomer), een klein beetje vloeibaar plastic in een fluoriserende kleur. Dit gebeurt onder verdoving, zodat de dieren hiervan geen last hebben. De dieren worden vervolgens zowel aan de zeezijde als aan de kanaalzijde van de sluizen bij IJmuiden uitgezet. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door Wageningen Marine Research te IJmuiden. In deze film, gemaakt door RAVON van onderzoek bij Scheveningen ziet u hoe dit in zijn werk gaat. Ook in dit korte filmpje van Wageningen Marine Research zijn de gemerkte vissen goed te zien.

Glasaal met verschillende kleuren VIE tag zonder en met UV lamp
Glasaal met verschillende kleuren VIE tag. Rechts de vissen onder een UV lamp
Foto: Ben Griffioen - Wageningen Marine Research

Ook het aanbrengen van een VIE-tag in de staartvin van een driedoornige stekelbaars gebeurt onder verdoving. De VIE-tag licht op onder een UV-lamp, die wordt toegepast bij de bemonsteringen. Veel bemonsteringen vinden ’s nachts plaats omdat de meeste vissen in het donker migreren.

Merken van driedoornge stekelbaars
Merken van een driedoornige stekelbaars.

Terugvangen van glasaal bij visintreklocaties

  • vissen met kruisnet: van februari t/m juni 2018 wordt 2x per week na zonsondergang door vrijwilligers bij de verschillende vispassages met een zogenoemd kruisnet gevist (zie foto). Dit gebeurt jaarlijks en geeft inzicht in het relatieve aanbod aan trekvis in het seizoen en per jaar. De vrijwilligers hebben de beschikking over een UV-lamp om de glasalen en stekelbaarzen met een kleurcode goed te kunnen onderscheiden. De begeleiding van dit onderzoeksdeel gebeurt door RAVON
    Vrijwilligers met kruisnet monitoren o.a. glasalen
    Vrijwilligers met kruisnet monitoren o.a. glasalen
    Foto: Rik Beentjes - Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier
  • Op twaalf locaties bij gemalen, sluizen en vispassages worden zogenoemde glasaaldetectoren geïnstalleerd om evt. gemerkte glasalen terug te vangen. Vanuit een bak stroomt zoet water via een met kokosmat beklede goot het water in. De glasaal komt op het zoete water af en ‘klimt’ via de kokosmat omhoog. Bovenaan aangekomen vallen de alen in een verzamelbak.
    De verhouding tussen gemerkte en ongemerkte dieren geeft informatie over het aanbod aan glasaal en of een vispassage goed werkt. Als gemerkte dieren lang aanwezig blijven is dat een minder gunstig teken dan als ze snel passeren. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door Visserijservice Nederland.
    Glasaaldetector
    Glasaaldetector
  • Op enkele locaties wordt met een fuik gewerkt. De fuik wordt in dat geval bijvoorbeeld geplaatst achter het rinket in een sluisdeur die speciaal voor de vismigratie opengezet wordt. Een rinket is een afsluitbare opening in een sluisdeur om het waterniveau aan weerszijde van de deur te kunnen nivelleren tijdens een schutting.
    Fuikopstelling aan de kanaalzijde van de Kleine Sluis IJmuiden
    Fuikopstelling aan de kanaalzijde van de Kleine Sluis IJmuiden

Resultaten

Glasalen en driedoornige stekelbaarzen weten de zeesluizen bij IJmuiden goed te passeren om het Noordzeekanaal op te trekken. Eenmaal op het Noordzeekanaal worden de vissen verder aangetrokken door zoet water dat via gemalen en sluizen op het kanaal geloosd wordt. De hoeveelheid glasaal die zich bij een gemaal of sluis ophoudt lijkt sterk verband te houden met de hoeveelheid water en het afvoerpatroon van deze lokstromen .

Hoe warmer het water is des te sneller een glasaal zwemt. De gemiddelde zwemsnelheid tussen IJmuiden en Halfweg is ongeveer 800 meter per dag. En dat voor een diertje van ca. 7 cm. Daar waar glasaal en driedoornige stekelbaars zich ophoopt omdat ze de polder niet kunnen bereiken, bijvoorbeeld door een slecht passeerbaar gemaal, is de kans groot dat ze worden opgegeten door andere vissen of door vogels. Ophoping (lange verblijftijd) is inderdaad gesignaleerd bij een paar onderzoekslocaties. Het onderzoek heeft een goed beeld gegeven van de verspreiding van de glasalen door het kanaal. Ze bewegen zich ook tussen verschillende locaties waar ze een polder kunnen bereiken.  Glasalen die bijvoorbeeld bij gemaal Houtrakpolder zijn uitgezet, zijn teruggevangen bij gemaal Halfweg of gemaal Nauerna.

Van de onderzochte locaties blijkt dat de vispassage bij gemaal Halfweg erg goed functioneert. Voor enkele andere passages zijn aanbevelingen gedaan om te onderzoeken hoe ze beter kunnen gaan werken. Daarbij wordt bijvoorbeeld gedacht aan het uitmalen van polderwater in de nachtelijke uren om trekvissen te lokken naar een bij het gemaal gelegen vispassage. Vooral glasaal is ’s nachts actief en zal dan makkelijker de vispassage kunnen vinden.