Terugblik regiobijeenkomsten Water in ruimtelijke planprocessen

Bijna 200 professionals op het gebied van ‘water en ruimte' bezochten in september en oktober één van de vier ‘regiobijeenkomsten water in ruimtelijke planprocessen'. Naast een stuk informatie-uitwisseling, werd de kiem gelegd voor een aantal regionale ‘Communities of Practice'.
De evaluatie van de Watertoets heeft als centrale vraaregiobijeenkomstg: Op welke wijze wordt met water omgegaan in strategische ruimtelijke planprocessen, met welk resultaat en hoe kan dat worden verklaard? Inmiddels is de tweede fase van de evaluatie bijna afgerond. Deze fase resulteert in twee producten: een rapportage op basis van de 13 casestudies en de vier regiobijeenkomsten en daarnaast de start van een lerend netwerk. Beide elementen kwamen aan bod tijdens de regionale bijeenkomsten, georganiseerd door Grontmij, Nirov en de Erasmus Universiteit, in opdracht van de Landelijke Werkgroep Watertoets.

13 projecten

Inmiddels is bij 13 projecten en plannen gereconstrueerd hoe water in locatiekeuze en planvormingFrans-Bauke van der Meer meegenomen is, wat veel nieuwe inzichten heeft opgeleverd. Hierbij ging het om 9 gebiedsontwikkelingen en 4 provinciale streekplannen/ structuurvisies. Tijdens de vier regionale bijeenkomsten werden een aantal van deze projecten onder de loep genomen. Zo vertelde Frans-Bauke van der Meer van de Erasumus Universiteit, een aantal details over het ‘Streekplan Fryslan'. "In dit plan zijn weinig locatiekeuzes gemaakt en de financiële aspecten blijven vaak impliciet. Verder is er geen expliciete watertoets uitgevoerd, al vindt de provincie wel dat de watertoets vervuld is door betrokkenheid van de waterbeheerder. Dit is iets wat we bij veel andere plannen ook gezien hebben."
Frans Kwadijk, de projectleider namens Grontmij, ging aan de hand van de gebiedsontwikkeling IJsseldelta-Zuid in op het thema ‘complexiteit en samenhang'. Ook hij stelde dat waterbeheerders vaak ‘in de geest van de watertoets' handelen, waarbij de echte watertoets wordt gezien als een formeel sluitstuk van een goed doorlopen proces.

Community of practice

Naast de presentaties werd er, onder leiding van Mardebatjolein Stamsnijder, gedebatteerd over een aantal stellingen die voortvloeien uit de evaluatie en werd de interesse gepeild om een regionale ‘community of practice (CoP)' te gaan vormen. Deze CoP's zijn onderdeel van de lerende evaluatie en kunnen bijdragen aan de uiteindelijke evaluatiebevindingen.
CoP's - ook wel ‘leergemeenschappen genoemd - zijn populaire werkvormen geworden in deze tijd waarin kennis geen macht meer is, maar voor iedereen toegankelijk, onder andere via het internet. Daarom heeft kennis alleen meerwaarde als je het kan toepassen of koppelen aan andere kennis. In een CoP wordt de werkpraktijk van de deelnemers verrijkt door van elkaars werkpraktijk te leren.
Op alle bijeenkomsten was er interesse om een dergelijke leergemeenschap te gaan vormen. Wel met de kanttekening om de groepen zo divers mogelijk op te zetten en toe te werken naar een concreet resultaat.

Vervolg

Op basis van de interesse voor het vormen van een leergemeenscdebathap, organiseert het Nirov nog een aantal vervolgbijeenkomsten om een en ander vorm te geven. Daarnaast wordt de laatste hand gelegd aan de rapportage over de dertien casestudies.

De uiteindelijke conclusie over het functioneren van de watertoets en mogelijke verbeteringen, worden getrokken op basis van de rapportage, de vier regiobijeenkomsten en de tussenresultaten van het lerend netwerk. Dit is de input voor de derde fase van de evaluatie, die moet uitmonden in een actieprogramma. Deze fase zal waarschijnlijk plaatsvinden onder de vlag van het Deltaprogramma Nieuwbouw en Herstructurering.