Toetsen en beoordelen

In de Nederlandse wateren worden chemische en biologische metingen gedaan. Aan de hand van deze metingen wordt beoordeeld hoe de waterkwaliteit is.

Monitoring en toestandsbeoordeling KRW

In het 'Protocol monitoring en toestandsbeoordeling oppervlaktewaterlichamen KRW' staan de voorschriften voor waterbeheerders voor het monitoren van de ecologische en chemische toestand van het oppervlaktewater volgens de eisen van de Kaderrichtlijn Water. Zo zijn voor oppervlaktewaterbeheerders in Nederland onder andere de wijze van inrichting van het monitormeetnet, de wijze van meten en de frequentie van meten voorgeschreven.

In het protocol is ook beschreven op welke wijze de gemeten waarden worden getoetst aan de ecologische doelen en chemische normen. Deze toetsing wordt gebruikt om de ecologische en chemische toestand van oppervlaktewaterlichamen te beoordelen. Voor de beoordeling van metalen wordt behalve van de chemische normen ook gebruik gemaakt van landelijke achtergrondconcentraties. De waarden hiervan staan in deze tabel (pdf, 67 kB).

Monitoring en toetsing voor Riviercommissies

Er bestaan drie riviercommissies voor Nederland: Rijn-, Maas- en Scheldecommissie. Er is na het in werking treden van de KRW afgesproken om in principe de KRW meetpunten te gaan gebruiken. Bij alle drie de riviercommissies liep al een meetnet, voor de Kaderrichtlijn Water (KRW) een rol ging spelen. Daardoor zijn er soms meer meetpunten in het meetnet van de riviercommissie, dan alleen de KRW meetpunten.

Voor de Schelde wordt er ieder jaar een eenvoudig samenvattend rapport gemaakt. Met eens in de drie jaar een uitgebreid rapport met analyses en trends. Sinds 2012 wordt ook biologie meegenomen naast de chemie.

Voor de Rijn worden iedere zes jaar biologische rapporten gemaakt per soortgroep (kwaliteitselement) van de KRW. Ook hierin worden analyses gemaakt en soms zelfs een eigen beoordelingsmethode, zoals voor de waterplanten. Voor chemische parameters geldt dat jaarlijks een eenvoudig samenvattend rapport wordt samengesteld. Eens in de drie jaar wordt er een uitgebreid rapport gemaakt met analyses en trends.

In de Maas wordt iedere drie jaar een rapportage met analyses en trends opgesteld over chemische en biologische gegevens.

OSPAR–beoordelingsrapportage voor verontreinigende stoffen

Nederland is één van de Verdragspartijen van de OSPAR Conventie. Monitoring van verontreinigende stoffen is vastgelegd in het CEMP (Coordinated Environmental Monitoring Programme ). OSPAR voert jaarlijks berekeningen uit (o.a. toetsing aan beoordelingscriteria en trendanalyses) en maakt rapportages met een beoordeling over contaminanten in sediment en biota. De meest recente OSPAR rapportage is te vinden op de website van OSPAR.

Eens per zes jaar wordt een intermediate assessment gemaakt, hierin beoordelen 15 landen en de EU gezamenlijk de toestand van de Noord Oost Atlantische Oceaan aan de hand van een groot aantal indicatoren. Eind juni 2017 is de laatste Intermediate Assessment van OSPAR vastgesteld. De geleverde data en berekeningen zijn online beschikbaar, voor het raadplegen van de gegevens is een handleiding (pdf, 63 kB) beschikbaar.

Toetsen en beoordelen KRM

De Europese Kaderrichtlijn Mariene Strategie (KRM) heeft tot doel het beschermen en herstellen van de Europese zeeën en oceanen en duurzaam gebruik te bevorderen (de goede milieutoestand). De KRM verplicht elke Europese lidstaat tot het vaststellen van een mariene strategie om deze goede milieutoestand te bereiken. Elke zes jaar dient elke lidstaat een beoordeling uit te voeren van de toestand van het mariene milieu en de voortgang richting de goede milieutoestand en de vastgestelde milieudoelen. Deze beoordeling wordt grotendeels gebaseerd op internationaal afgestemde beoordelingen binnen OSPAR. Op het Noordzeeloket is meer informatie te vinden over de KRM en de Nederlandse Mariene Strategie.