Blauwalgen

Giftige blauwalgen of cyanobacteriën zijn in Nederland een terugkerend probleem. Blauwalgenbloei doet afbreuk aan de recreatieve functie en brengt de veiligheid van zwemmers in het geding.

Voorkomen van blauwalgen

Blauwalg is een bacterie die er meestal uit ziet als blauwgroen wier. Veel blauwalgen groeien optimaal in stilstaand en voedselrijk water, bij een temperatuur tussen de 20 en 30 °C. Zij komen dan ook meestal tot bloei in warme zomers, juist wanneer er een verhoogde recreatiedruk is.

Vorming van cyanotoxines

Sommige blauwalgen zijn in staat om giftige stoffen - cyanotoxines - te produceren. Deze gifstoffen kunnen gezondheidsklachten veroorzaken. Veel blauwalgen die deze cyanotoxines kunnen produceren zijn tevens drijflaagvormers. Daardoor kunnen de celgebonden cyanotoxines in hoge mate geconcentreerd worden in drijflagen.

Maatregelen

Tijdens het zwemseizoen (1 april - 1 oktober) wordt met het blauwalgenprotocol beoordeeld of zich blauwalgenbloei voordoet. De zwemmer wordt direct over blauwalgenbloei ingelicht. Afhankelijk van het gezondheidsrisico kan de de provincie een waarschuwing of negatief zwemadvies afgeven, of zelfs een tijdelijk zwemverbod instellen.
Om problemen met blauwalgen structureel aan te pakken, zijn maatregelen nodig tegen de voedselrijkdom van het water. Dergelijke maatregelen zijn vaak pas effectief als ze op de schaal van stroomgebieden worden genomen. De maatregelen die voor de Kaderrichtlijn Water worden getroffen zullen de problemen met blauwalgen geleidelijk verminderen.