Grip op opkomende stoffen

Waterbeheerders en drinkwaterbedrijven zetten zich in voor schoon water voor de mens en natuur. Af en toe stuiten zij in het water op nieuwe en relatief onbekende stoffen die nog niet genormeerd zijn. Ook zijn er stoffen waarvan uit nieuwe informatie blijkt dat deze stof mogelijk toch schadelijk is. Deze stoffen noemen we opkomende stoffen. Opkomende stoffen waar in de media veel aandacht voor is zijn pyrazool, PFOA en GenX. Om grip te houden op dergelijke stoffen is onderzoek nodig naar vóórkomen en mogelijke risico’s. Waterbeheerders, drinkwaterbedrijven en andere organisaties uit de watersector werken samen aan het ontwikkelen van een strategische aanpak om meer inzicht te krijgen in opkomende stoffen. Dit doen zij samen in de werkgroep Aanpak Opkomende Stoffen.

Werkgroep Aanpak opkomende stoffen

Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) riep in 2016 de werkgroep Aanpak opkomende stoffen in het leven. In deze werkgroep zitten behalve het Ministerie ook experts van waterschappen, provincies, Rijkswaterstaat, RIVM en drinkwaterbedrijven. De werkgroep ontwikkelt een strategische aanpak van opkomende stoffen. In deze aanpak komt kennis uit de praktijk en de wetenschap bij elkaar. Zo ontstaat meer inzicht in de risico’s van opkomende stoffen en wordt het beter mogelijk iets aan deze stoffen te doen.

OS_Organisatiestructuur

Figuur 1: Hier is te zien hoe de werkgroep zich verhoudt tot de landelijke Stuurgroep Water.

Strategische aanpak

De experts van de werkgroep verzamelen de kennis die nodig is om een stof of stofgroep aan te pakken. Met deze kennis geven zij een schatting van de schadelijkheid van opkomende stoffen en stofgroepen. Voor een aantal van deze stofgroepen (zogenoemde aandacht vragende stoffen) zoekt de werkgroep naar mogelijke bronnen. Deze informatie is nodig om een advies te geven over verder onderzoek of mogelijke maatregelen die risico’s van deze stoffen verminderen. Waterbeheerders en drinkwaterbedrijven zetten dit advies om in concrete acties om het water schoon te houden.

Een overzicht van aandacht vragende stoffen

Voor een eerste overzicht van stoffen met een mogelijk risico, gebruikt de werkgroep bestaande informatie over opkomende stoffen. Dit zijn bv meetgegevens van drinkwaterbedrijven, waterschappen en Rijkswaterstaat. Het Europese NORMAN netwerk heeft een database met gegevens over effecten en andere eigenschappen van deze stoffen. Met de combinatie van deze gegevens krijgen we zicht op concentraties die van deze stof zijn aangetroffen en op de mogelijke effecten . Dit resulteert in een overzicht van aandacht vragende stofgroepen in het oppervlakte- en grondwater.

Mogelijke maatregelen

Voor de aandacht vragende stofgroepen analyseert de werkgroep de herkomst van de stofgroep en hoe de stoffen zich verplaatsen vanaf de bron. Met deze informatie formuleert de werkgroep richtinggevend advies over acties die kunnen helpen om de concentraties van deze stoffen in het water te verlagen.

Samenhang met ander onderzoek

De werkgroep Aanpak opkomende stoffen is niet alleenstaand in het onderzoek naar opkomende stoffen. Voor specifieke groepen opkomende stoffen zijn andere groepen actief. De werkgroep stemt hiermee af en voorkomt zo onnodige overlap. Het gaat om:

  • Medicijnresten: de werkgroep Ketenaanpak medicijnen voert onderzoek uit naar de schadelijkheid van medicijnresten die in het water terecht komen.
  • Nanodeeltjes en microplastics: het kennis- en informatiepunt risico's nanotechnologie (KIR-nano) signaleert risico's van deeltjes zoals nanodeeltjes en microplastics die ook bijdragen aan de verontreiniging van water.
  • Gewasbeschermingsmiddelen: de aanpak van deze stofgroep valt onder de verantwoordelijkheid van de Minister van LNV en staat beschreven in de Tweede Nota Duurzame Gewasbescherming. Vanuit IenW wordt hierbij in de Delta-aanpak Waterkwaliteit gestreefd naar vermindering van de impact op waterkwaliteit.
  • Effecten van industriële lozingen op drinkwater: de werkgroep Structurele aanpak opkomende stoffen heeft onderzocht of de regelgeving aangepast moest worden voor lozingen van opkomende stoffen door industrie, die in het drinkwater terecht kunnen komen. Belangrijke conclusie hierbij is dat de uitvoering van de vergunningverlening aandacht behoeft, wat nu in de Delta-aanpak waterkwaliteit ook geagendeerd is.

Welk onderzoek loopt er nu?

Er is al veel werk verzet voor opkomende stoffen in het oppervlaktewater. In 2017 is in dit kader een overzicht van aandacht vragende stofgroepen opgeleverd. Nu wordt onderzocht wat de aanwezigheid en mogelijke schadelijkheid van deze stofgroepen is:

  • Biociden: Dit zijn middelen om schadelijke organismen te bestrijden. Het wordt gebruikt in schoonmaakproducten, desinfecterende zeep, kleding, om groei van micro organismen tegen te gaan (bijvoorbeeld in koelwater) of om materialen te beschermen (houtverduurzamingsmiddelen). Het komt via verschillende kanalen in het oppervlaktewater terecht. In 2018 verscheen een rapport over het onderzoek naar de aanwezigheid van biociden in effluenten van rioolwaterzuiveringen.
  • Perfluorverbindingen: Perfluorverbindingen zijn stoffen met water, olie, vuil en stof afstotende eigenschappen. Ze kunnen goed tegen warmte en worden niet gemakkelijk aangetast door andere chemische stoffen. Ze worden gebruikt voor het beschermen van materialen (vuilwerende coating) en komen bijvoorbeeld voor in vloerwas, blusschuim, shampoo, waterafstotende kleding, etc. Voorbeelden van perfluorverbindingen zijn: PFOA/C8, PFOS en GenX.
  • Alkylfosfaatesters: Deze stof wordt ingezet als brandvertrager en/of weekmakers (met enige brandvertragende werking). Ze worden onder andere toegepast in polyurethaanschuimen (in textiel, meubels, auto’s en matrassen), in lakken, verven en coatings, in kunststoffen, harsen en rubber en als antischuimmiddel in beton. De stoffen komen in het milieu terecht door vrijkomen uit het materiaal waarin ze zijn toegepast. Deze stoffen komen veelal via rwzi’s in het oppervlaktewater terecht.
  • Consumentenproducten: het gaat in deze groep om producten die consumenten gebruiken en die daarna via het riool in het oppervlaktewater terecht komen. Denk hierbij aan schoonmaakmiddelen en verzorgingsproducten, etc.
  • Melamine: een inventarisatie van mogelijke puntbronnen naast de reeds bekende bronnen.

Naast oppervlaktewater onderzoeken we ook opkomende stoffen in grondwater en in drinkwater, het onderzoek hiervoor loopt.