Integrale aanpak van water en ruimte bevorderen

Dat was het belangrijkste doel van José Kooi en Marloes van der Kamp. Samen met drie andere waterschapstrainees organiseerden zij in het kader van het Jaar van de Ruimte de ontwerpchallenge Waterproof. In het LEF future center van Rijkswaterstaat werden teams met deelnemers uit verschillende vakgebieden uitgedaagd om de stad van de toekomst te ontwerpen.

“Als waterschapstrainee werken we vier dagen per week”, vertelt Kooi. “De vijfde dag krijgen we trainingen en worden we uitgedaagd om een extra opdracht te doen. Voor mijn tweede opdracht werd ik door Reinier Romijn van de Unie benaderd. Ik had eerder al iets gedaan met ruimtelijke adaptatie en hij vroeg of ik voor hen iets wilde doen voor het Jaar van de Ruimte. Dat leek me een leuke uitdaging. Daarom heb ik vier andere trainees gezocht die net als ik een passie hebben voor ruimte en water met het idee om samen iets te organiseren.”

Iets actiefs

“Al vrij snel waren we eruit dat we iets actiefs wilden doen. Pas daarna zijn we gaan nadenken over de inhoud. Dat heeft geleid tot de challenge 'Waterproof'. Een activiteit waarbij teams bestaande uit professionals van verschillende organisaties, met uiteenlopend achtergronden, leeftijden en functies gezamenlijk een ontwerp van de stad van de toekomst moesten maken. Een stad die oplossingen biedt voor vraagstukken als zeespiegelstijging en bodemdaling en waarin water en ruimte zijn geïntegreerd en kringlopen zijn gesloten.”

Stimuleren

Van der Kamp vult aan: “Met deze ontwerpopdracht wilden we de deelnemers stimuleren om op een andere manier over water en ruimte na te denken en hen te laten ervaren hoe iedereen vanuit zijn eigen discipline een bijdrage kan leveren aan de integratie van water en ruimte. Zelf zijn we ervan overtuigd dat een andere manier van denken noodzakelijk is. In de praktijk worden vraagstukken nog te vaak sectoraal en versnipperd aangepakt. Ook zie je geregeld dat er geen echte keuzes worden gemaakt en er zolang wordt gepolderd dat het resultaat bestaat uit allemaal suboptimale oplossingen.”

Goede balans

Bij het opzetten van de challenge heeft de groep trainees gekozen voor een goede balans tussen inkadering en ruimte voor creativiteit. Zo moesten de ontwerpteams aan de slag met een bestaande locatie in Nederland. Om de teams op gang te helpen werden ze bij de start uitgedaagd om na te denken over een aantal vragen. Wie zijn over twintig jaar de gebruikers van de ruimte? Wat zijn hun wensen? Hoe kijken zij aan tegen werk en mobiliteit? En welke eisen stellen zij aan hun leefomgeving? Op basis van hun eigen antwoorden op deze vragen stelden de teams vervolgens ontwerpcriteria op.

Tevreden

Terugkijkend op de bijeenkomst zijn Kooi en Van der Kamp tevreden. Kooi: “Tijdens de challenge in het LEF future center van Rijkswaterstaat in Utrecht zijn zes teams met een ontwerp aan de slag gegaan. Ik vond het erg leuk om te zien dat elk team dat op een eigen manier deed. Zo was de ene groep heel erg gericht op het daadwerkelijk maken van een maquette, terwijl een andere een conceptueel model ontwikkelde of zijn ideeën aangaf op een kaart van het gebied. Uiteindelijk vond ik zelf de conceptuele plannen het interessants.”

Intensief samenwerken

Ook collega Jarno Deen van Rijnland, die de challenge als deelnemer bezocht, is positief. “Als waterschap proberen we in een vroeg stadium van planvorming in overleg te gaan met alle betrokken partijen om het waterbelang synchroon te laten lopen met andere belangen. In vergelijking met onze vroegere werkwijze - waarbij we vaak pas achteraf naar een plan keken en dan beoordeelden of het waterbelang voldoende was gediend - is dat een hele verbetering. Tegelijkertijd kan het altijd beter. Tijdens de challenge ervoer ik weer eens dat andere partijen zoals gemeenten en landschapsarchitecten met een andere blik naar vraagstukken kijken dan wij en ook tot andere inzichten komen. Dat is voor mij een bevestiging dat je bij opgaven intensief moet samenwerken om echt tot een resultaat te komen waarin alle betrokken zich kunnen vinden.”

Open houding

Deen vervolgt: “Ik vond het ook leerzaam om mee te draaien in een ontwerpproces. Zo ontdekte ik dat je je boodschap met een ontwerp of een maquette vaak beter kunt uitleggen richting de buitenwereld, dan met getallen of een feitelijk verhaal. Daarnaast heb ik geleerd dat het goed is om regelmatig bij anderen te checken of ze nog snappen waarmee ik bezig ben en of ze het eens zijn met mijn denkrichting. Dat is niet alleen zinvol bij samenwerking met externen, maar ook intern. Verder merkte ik tijdens de challenge weer hoe belangrijk het is om samenwerkingsprojecten met een open houding in te gaan en breder te durven kijken dan je eigen taken en belangen.”

Waterschapstrainees

Onder de noemer 'waterschapstalent' hebben vijf waterschappen een traineepool ingesteld. Het betreft het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, waterschap Hollandse Delta, het hoogheemraadschap van Rijnland, waterschap Rivierenland en het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard. De trainees - net afgestudeerden met affiniteit voor water en techniek - werken gedurende twee jaar bij de waterschappen, waarbij ze iedere acht maanden van opdracht of standplaats veranderen.