“Op kantoor verlies je snel de verhoudingen uit het oog”

De Loozensche Linie is een gebied van 35 hectare langs de Vecht met een rijke (militaire) geschiedenis. Deze cultuurhistorische elementen zijn weer teruggebracht in het landschap in combinatie met water-, natuur- en toeristische doelen. Waterschap Velt en Vecht trok het project, waarbij vanaf het begin intensief is samengewerkt met de andere partijen. Daardoor ontstond een plan wat recht deed aan ieders speerpunten.

Eind jaren '90 is gewerkt aan de herinrichting van de Radewijkerbeek. Als laatste was er nog een stuk grond van Staatsbosbeheer over waar wat mee moest: de Loozensche Linie. Staatbosbeheer vroeg het waterschap als trekker van het project en samen met de gemeente Hardenberg en de provincie Overijssel werd een plan met verschillende doelen bedacht en uitgevoerd.

Ruimte voor Napoleon en water
Zo is er ruimte voor water gemaakt door een oude meander te koppelen aan de rivier de Vecht en zo de hoofdgeul te verleggen. Ook is een kade verlegd en een deel van de grond langs de Vecht afgegraven voor extra ruimte bij hoog water. Dit heeft 50.000 m3 aan waterberging opgeleverd. Ook is er een natuurgebied ingericht, dat tevens toegankelijk is gemaakt voor rolstoelers. Het uitgangspunt bij het herstel van de Loozensche Linie was dat alles op dezelfde plaats kwam te liggen als in de tijd van Napoleon. Hannah Ietswaart was namens waterschap Velt en Vecht projectleider en geeft aan dat de uitvoering geen kopie is van het verleden. "De wallen zijn bijvoorbeeld minder hoog en er zijn er minder rijen met palissaden als destijds. Wel zijn de contouren van het bastion en de redoutes zichtbaar gemaakt. Bovendien is er militair gerelateerde kunst geplaatst, betaald door de provincie Overijssel."

Methode
Hoe komt een dergelijk plan tot stand? Ietswaart: "We hebben een methode toegepast die lijkt op die bij een Milieueffectrapportage. We zijn begonnen met een nota van uitgangspunten. Iedere betrokkene heeft hierin omschreven wat voor hem of haar de kern, het belangrijkste doel, was en welke wensen ze daarnaast hadden. Vervolgens hebben we in drie ronden het plan uitgewerkt, waarbij we steeds getoetst hebben aan die randvoorwaarden." Ietswaart geeft aan dat deze methode ervoor zorgde dat de kern overeind bleef. "Op een gegeven moment was het makkelijker om een nevengeul aan te leggen. Maar één van de belangrijkste doelen van het waterschap was om de hoofdgeul te verleggen. Dat is uiteindelijk ook gelukt."

Geven en nemen
Ietswaart vertelt dat alle partijen in het proces moesten geven en nemen. "Dat kwam doordat er voor een relatief klein gebied zoveel doelen gerealiseerd moesten worden. Het plan kwam al werkende tot stand, in een vrij korte tijd. Zo hebben we zelf een concessie moeten doen als het gaat om het winterbed. Wilden we de cultuurhistorie op een goede manier terug brengen, dan moesten er aarden wallen in het winterbed komen. Binnen de beleidslijn Ruimte voor de Rivier kan dit eigenlijk niet. Maar anders hadden we dit project niet kunnen uitvoeren, omdat het een beschermd monument betreft. Uiteindelijk hebben we een aantal mitigerende maatregelen genomen. Bijvoorbeeld door de vorm van de geul aan te passen. Maar dat geeft wel de nodige extra kosten."

Leerzaam
De Loozensche Linie was één van de eerste integrale projecten langs de Vecht. Ook was het voor het waterschap één van de eerste keren dat ze als trekker van een integraal project optrad. Voor het waterschap dus een leerzaam traject, waarbij ze een aantal zinvolle ervaringen opdeed. "De basis van het landschap zit in de bodem en in de historie. Daar hebben we ons continu door laten leiden bij het inrichten van het gebied en we hebben dit doorgevoerd in de haarvaten. Als je met natuur of waterberging aan de slag gaat, dan drijf je snel af van dit soort bepalende principes. Ook vond ik het erg belangrijk om veel het veld in te gaan, want op kantoor verlies je snel de verhoudingen uit het oog."

Watertoets
Ietswaart geeft aan dat het project is uitgevoerd ‘in de geest van de watertoets'. "We hebben vanaf het begin intensief samengewerkt. Daardoor is de formele kant van de watertoets niet echt meer nodig. Ook al is het waterschap initiatiefnemer, wij dienen ons ook aan de procedure van de watertoets te houden. Wat mij betreft is de watertoets in ieder geval van groter belang als een gemeente of provincie de initiatiefnemer is en het hoofddoel iets anders is dan water ."

Meer informatie