Grote onderhoudsopgave Zeeland "Monitoringsprogramma Zandkreekgeul van start"

Gepubliceerd 12 november 2020

Het monitoringsprogramma om de effecten van de baggerwerkzaamheden in en rondom de Zandkreekgeul te meten, is van start gegaan.

Rijkswaterstaat heeft 7 meetboeien geplaatst en bemonsteringen op de oester- en mosselpercelen uitgevoerd, als nulmeting van de huidige situatie. De boeien meten het hele jaar door de hoeveelheid zwevend stof in het water. Zo krijgen we de effecten van het baggeren goed in beeld.

Zandkreek is verzand

De vaargeul van de Zandkreek is de afgelopen jaren sterk verzand. Rijkswaterstaat brengt de vaargeul daarom in oktober-november 2021 terug op diepte voor de scheepvaart door 125.000 m³ slibzand te baggeren. 50.000 m³ tot 60.000 m³ van de baggerspecie gebruiken we om slikken en platen in het Verdronken Land van Zuid-Beveland, ter hoogte van de Rattekaai, te verhogen. Het overige deel storten we in stortvak 010, vlak bij de vaargeul.

Hinder voor schelpdierkwekers beperken

Deze stort- en suppletielocatie blijken uit onderzoek de meest gunstige ligging te hebben ten opzichte van de schelpdierpercelen en vaste vistuigvakken in de omgeving. Door hiervoor te kiezen, proberen we de hinder voor de kwekers zoveel mogelijk te beperken. Om diezelfde reden voeren we de baggerwerkzaamheden bewust uit in een periode dat de mosselen in rust zijn en minder voedingstoffen tot zich nemen.

Monitoringsplan: 6 activiteiten in 2020-2022

Daarnaast voeren we tot en met december 2022 6 monitoringsactiviteiten uit. Deze zijn in samenspraak met de schelpdierkwekers tot stand gekomen. We registreren de baggervolumes, meten zwevend stof in het water, analyseren de veilinggegevens van de mosselkwekers, vergelijken de activiteiten en opbrengsten van de schelpdiersector, bemonsteren de mosselpercelen en houden de ontwikkeling van oesterbroed op de kweekpercelen nauwlettend in de gaten.

Dat doen we zodat we eventuele afwijkingen aan de kweekpercelen vroegtijdig kunnen signaleren. De schelpdierkwekers erkennen het belang van de baggerwerkzaamheden voor de toegankelijkheid van de vaarroute, maar vrezen nadelige gevolgen. Zand- en slibdeeltjes kunnen er namelijk voor zorgen dat mosselen en oesters minder goed groeien, of zelfs afsterven. Daardoor zou de kwaliteit en dus de opbrengst mogelijk verminderen.

Nulmeting voor goede vergelijking

Die ontwikkelingen willen we goed in de gaten houden. Daarom heeft Rijkswaterstaat onderzoeksbureau WMR gevraagd al ruim 1 jaar voor aanvang van de werkzaamheden te beginnen met de nulmeting. Zodat we een goede vergelijking kunnen maken van de situatie voor, tijdens en na de baggerwerkzaamheden. De kwekers en vissers blijven gedurende de uitvoering van het monitoringsplan nauw betrokken. Indien nodig zullen we tussentijdse resultaten met ze delen.

Samen werken aan een bereikbaar Zeeland

Het baggeren van de Zandkreekgeul is onderdeel van het project Samen werken aan een bereikbaar Zeeland. Rijkswaterstaat investeert de komende jaren fors in het onderhoud aan een groot aantal bruggen, sluizen, wegen en waterwerken in Zeeland.

Bron: Rijkswaterstaat