Piek watergebruik huishoudens en landbouw in 2018

Gepubliceerd 26 maart 2020

Het drinkwatergebruik van huishoudens is in 2018 met 7 procent toegenomen ten opzichte van een jaar eerder. In de landbouw werd fors meer water gebruikt dan in 2017 (150 procent). Het watergebruik in de landbouw schommelde in de periode 2003-2017, terwijl het watergebruik van huishoudens daalde. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.

Door de droogte en warmte in 2018 steeg het drinkwatergebruik van huishoudens tot 837 miljoen kubieke meter op jaarbasis. In 2003-2017 daalde het huishoudelijk drinkwatergebruik nog met 4 procent, tot 782 miljoen kubieke meter.

Het drinkwatergebruik omgerekend per hoofd van de bevolking liet in 2018 vergeleken met een jaar eerder een stijging zien van 6,5 procent naar 133 liter per persoon per dag. Van 2003 tot en met 2017 was het huishoudelijk drinkwatergebruik per inwoner met ruim 9 procent gedaald tot 125 liter per persoon per dag.

De daling van het watergebruik hangt vooral samen met het zuiniger worden van huishoudelijke apparaten: zo gebruiken wasmachines en vaatwassers steeds minder water, en worden waterbesparende spoelonderbrekers vaker toegepast in wc’s.

Droogte in 2018 veroorzaakt piek in watergebruik landbouw

Bij de landbouw is het watergebruik ook sterk afhankelijk van het weer. In 2018 viel er landelijk gemiddeld slechts 675 millimeter neerslag, waarvan 304 millimeter in april tot en met september.
Het langjarig gemiddelde is 847 millimeter per jaar, waarvan 438 millimeter in april-september.

Door het neerslagtekort werden akkers en graslanden in 2018 meer geïrrigeerd dan in eerdere jaren. In totaal gebruikte de landbouw 302 miljoen kubieke meter water, ruim 150 procent meer dan een jaar eerder, en ruim 50 procent meer dan in 2003, een vergelijkbaar droog jaar. De akkerbouw gebruikte bijna vier keer zo veel oppervlakte- en grondwater als het jaar daarvoor.

Veehouderij goed voor ruim de helft watergebruik landbouw

Ruim de helft van het oppervlakte- en grondwater in de landbouw in 2018 werd gebruikt door de veehouderij, voornamelijk voor de beregening (78 procent) van grasland (veevoer), en een klein deel (22 procent) voor drinkwater voor het vee. Het oppervlakte- en grondwatergebruik in de veehouderij was in 2018 meer dan verdubbeld ten opzichte van een jaar eerder.

Verschuiving gebruik van zoet naar zout oppervlaktewater

De onttrekking van oppervlaktewater voor drinkwatervoorziening, landbouw, energievoorziening en industrie, is vanaf 2003 gedaald met 6,8 procent. Ruim 95 procent van het onttrokken oppervlaktewater wordt gebruikt als koelwater bij de energieproductie in elektriciteitscentrales en grote industriële bedrijven. Dit water wordt na het koelproces direct weer geloosd. De daling komt volledig op conto van zoet oppervlaktewater, waarvan het gebruik met ruim een kwart is afgenomen. Daartegenover wordt steeds meer zout water onttrokken voor koelwater, in 2012-2018 nam het gebruik hiervan toe met 45 procent.

Bron: CBS