Evacueren of niet? Terugblik op hoogwater 1995

Gepubliceerd 29 januari 2020

Verkeersborden omgeven door het steeds hoger wordende water en zandzakken om de dijken voor instorten te behoeden. In januari en februari van 1995 was Nederland in de ban van het dreigende hoogwater in de riviergebieden. Met de herinneringen van de watersnoodramp van 1953 nog op het netvlies, leefde er grote onrust over de mogelijke gevolgen van het alsmaar stijgende water.

Ook het Watermanagementcentrum kwam onder toenemende druk te staan. Een team van 4 Rijkswaterstaters, waaronder Eric Sprokkereef, werkte vanuit de Waterkamer dagenlang de klok rond om te blijven voorzien in informatie over de hoge waterstanden.

Doorslaggevende hoogwaterstanden

Sprokkereef, sinds 1985 in dienst bij de Waterkamer van Rijkswaterstaat, weet nog al te goed hoe hectisch deze dagen waren. ‘Op basis van de waterstanden uit Duitsland maakten we ingewikkelde berekeningen om een beeld te krijgen van de verwachtingen voor Nederland. In die tijd werkten we nog met simpele modellen, spreadsheets en tekenden we de waterstanden uit op papier. Met de middelen die we tot onze beschikking hadden, konden we maar een tweedaagse inschatting maken. Toch was er vanuit de politiek en andere betrokken partijen veel druk om verder vooruit te kijken en uitspraken te doen over mogelijke gevolgen van de hoge waterstanden. Er speelden veel belangen: wel ingrijpen en evacueren of niet ingrijpen? Daar kwam bij dat de grote media elke dag voor de deur stonden en ons wilden interviewen. Daarom moesten onze berekeningen doorslaggevend zijn.’

De Waterkamer anno 2020

Sinds die tijd is er veel veranderd. De Crisisadviesgroep Rivieren binnen de Waterkamer richt zich nu alleen nog op het berekenen van waterstanden en is onafhankelijk geworden van de afdeling die advies geeft over mogelijke maatregelen. Inmiddels is de Crisisadviesgroep Rivieren flink uitgebreid om aan de vraag naar waterinformatie te blijven voldoen. Bovendien is het met de middelen van nu mogelijk om betere inschattingen te maken van de waterstandsverwachting. Eric Sprokkereef vertelt: ‘In 1995 hebben we onder druk berekeningen naar buiten gebracht die we met de middelen van toen nog niet konden maken. Vandaag de dag kunnen we met computermodellen wel inschattingen maken voor een hele week en zien wat de rivieren die door ons land stromen, gaan doen. Verder zijn we ons naast hoogwater gaan richten op periodes van droogte. Hiermee kunnen we inspelen op de toenemende grilligheid van droge en natte periodes.'

Voorbereid op de toekomst

Evacuatiescenario’s zoals die in 1995 ziet Sprokkereef niet snel meer gebeuren. ‘De waterstanden in 1995 zullen vandaag de dag niet meer leiden tot evacuaties. Projecten zoals Ruimte voor de Rivier en de versterking van dijken en dammen zorgen ervoor dat wij beter gewapend zijn tegen het water. Er kunnen altijd nog kritische waterstanden komen, maar ook dan treffen we maatregelen.’

Bron: Rijkswaterstaat