Vorm van de riviermonding heeft invloed op de weerbaarheid tegen zeespiegelstijging

Gepubliceerd 23 mei 2019

Promovendus Jasper Leuven ontdekte een verband tussen de bank- en geulpatronen in een riviermonding, het ontstaan ervan en de grootschalige vorm van de riviermonding. Deze informatie kan wereldwijd toegepast worden en is essentieel om de gevolgen van weerbaarheid tegen zeespiegelstijging te begrijpen.

Een estuarium is een ander woord voor een riviermonding die een overgang vormt van de rivier naar de zee of oceaan. Het gebied vormt de overgang van zoet naar zout water, en heeft enerzijds te maken met rivierstroming en anderzijds met getijdestroming.

De geulen in een estuarium vormen belangrijke vaarroutes naar grote havens, zoals in de Westerschelde naar de havens van Antwerpen, Vlissingen, Terneuzen en Gent. De getijdengebieden vormen leefgebieden voor een grote variëteit aan planten en dieren. Het land rondom estuaria is vaak dichtbevolkt; 21 van de 30 grootste steden ter wereld liggen in de buurt van een estuarium. Ondanks het belang van estuaria voor de scheepvaart en biodiversiteit, en het potentiële overstromingsrisico voor de omringende gebieden, is het grotendeels onbekend hoe estuaria in de toekomst zullen reageren op zeespiegelstijging. Verder is er weinig bekend over de processen die geulen en zandbanken vormen en hoe die zich op de tijdschaal van tientallen jaren ontwikkelen.

In zijn proefschrift laat Leuven met een combinatie van data, experimenten en modellen zien dat de vorm en dimensies van bank- en geulpatronen te voorspellen zijn op basis van de vorm van estuaria. Deze vormen kan men waarnemen op luchtfoto’s. Zijn bevindingen paste Leuven toe op estuaria wereldwijd om het effect van zeespiegelstijging erop te voorspellen. Daaruit bleek dat kleine estuaria het risico lopen op een toename van hoogwaterstanden als ze onvoldoende sediment ontvangen om hun bank- en geulpatronen aan te passen aan de nieuwe zeespiegel. Grote estuaria lopen het risico op zandhonger, vooral als de getijslag afneemt bij de monding. Onvoldoende aanvoer van sediment betekent dat het estuarium zal verdrinken, waarmee ook belangrijk leefgebied voor planten en dieren verloren gaat.

Leuvens resultaten laten ook zien dat negatieve effecten van zeespiegelstijging deels ongedaan gemaakt kunnen worden wanneer estuaria meer ruimte krijgen, bijvoorbeeld door het verleggen van dijken. De data, ontwikkelde modellen en gevonden verbanden zijn toepasbaar op riviermondingen wereldwijd.

Bron: Universiteit Utrecht