Water en ruimte

Homepage > Onderwerpen > Wetgeving en beleid > Waterwet > Water en ruimte

Water en ruimte

Inhoud pagina: Water en ruimte

Hoe gaat de Waterwet om met de samenhang van water en ruimte?

Al in de Hoofdlijnennotitie die aan de basis lag van het wetsvoorstel, is vastgesteld dat waterbeheer in toenemende mate invloed zal hebben op de ruimtelijke ordening. Ook de Tweede Kamer heeft tijdens het algemeen overleg van 12 oktober 2004 over de Hoofdlijnennotitie aangegeven dat de doorwerking van water in de ruimtelijke ordening speciale aandacht behoeft. 

Hoe essentieel de doorwerking van water in het ruimtelijke domein is, komt vooral naar voren bij de implementatie van de bevindingen van de Commissie Waterbeheer in de 21e eeuw (WB21) en het daaruit voortkomende kabinetsstandpunt ‘Anders omgaan met water’. Dit heeft er toe geleid dat ‘ruimte voor water’ wordt gemaakt.

De ruimtelijke inpassing van watermaatregelen vindt in principe plaats binnen het kader van de regelgeving van de (nieuwe) Wet ruimtelijke ordening. Rijk en provincies moeten vaststellen wat de ruimtelijke opgave voor water is. Dit betekent dat in het kader van de planvorming een brede afweging wordt gemaakt tussen het waterbelang en andere belangen. 

Om water integraal onderdeel te laten uitmaken van de ruimtelijke planning, is het nodig dat  de ruimtelijke gevolgen van de wateropgaven in ruimtelijke plannen worden uitgewerkt. Om dit effectief te kunnen doen, wordt in het planstelsel van de Waterwet een koppeling gelegd met het planstelsel van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening. Dit wil zeggen dat de waterplannen op Rijksniveau en op provinciaal niveau ook ruimtelijke plannen ( structuurvisies) zijn op basis van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening. Hiermee wordt een nauwe relatie gelegd met het juridisch instrumentarium van de Wet ruimtelijke ordening.

Concreet betekent dit bijvoorbeeld dat ‘ruimte voor water’ in de plannen wordt opgenomen en dat in het kader van de ruimtelijke ordening bestemming ervan plaatsvindt. Als er dan, bijvoorbeeld op gemeentelijk niveau, geen invulling wordt gegeven, dan kan zo nodig het aanwijzingsinstrument van de Wet ruimtelijke ordening worden gebruikt om bijvoorbeeld bergingsgebieden te realiseren. Dit alles op voorwaarde dat er sprake is van een bovenlokaal belang.
Meer informatie over het planstelsel vindt u in hoofdstuk 4 'Plannen' van de Waterwet.

Foto: Hofvijver, Den Haag
Stel een vraag
Nederland leeft met water
 

Helpdesk Water