Waterambassadeur Rasenberg: 'Samenwerken loont'
Inhoud pagina: Waterambassadeur Rasenberg: 'Samenwerken loont'
Voorop de auto van Sonja Rasenbergs auto wappert geen driekleur. Al is ze sinds januari van dit jaar ambassadeur, ze vertegenwoordigt geen land. In plaats daarvan praat ze over 'water', met een heldere boodschap. ,,Samenwerken voor waterzaken loont.''
Het gebrek aan officiële statussymbolen deert het kordate, tijdelijke boegbeeld voor het stroomgebied Rijn-Oost in het geheel niet. Ze haalt haar plezier uit het werk, straalt ze uit na een stevige bezoekronde aan 'rioleurs' in de Achterhoek. Rasenberg (41), tot afgelopen januari manager vergunningverlening bij waterschap Velt en Vecht, greep haar kans: ,,Er op uit, naar de gemeenten. Mooi werken aan de voorkant van het beleid, het tegenovergestelde van wat ik de laatste jaren deed.''
Tussen twee afspraken door legt de 41-jarige ingenieur - afgestudeerd in Wageningen - graag uit met welk verhaal ze door Gelderland, Overijssel en Drenthe trekt. ,,Mijn werk als waterambassadeur is overal weer net iets anders. Elke streek heeft zijn eigen stijl en aanpak, kennelijk omdat het bij ze past. Het overleg in Drenthe, waar Gerard Hoogerkamp de waterambassadeur is, verloopt grootschaliger. Omdat daar vertegenwoordigers uit de gehele provincie bij elkaar komen. Daarom is het ook wat zakelijker. Hier in de Achterhoek, met de uitvoerders uit tien gemeenten, is het overzichtelijker. Ze weten elkaar direct te vinden.''
Het doel dat Rasenberg vertegenwoordigt, is echter overal gelijk. ,,Samenwerking tussen overheden op gang brengen, in stand houden en verbeteren. Door te zorgen dat gemeenten fungeren als gelijkwaardige partner in de omgang met provincie en waterschappen.''
De gewenste verandering lijkt vooral tussen de oren te zitten. Rasenberg pleit daarom voor een andere houding en werkwijze. Gemeenten moeten vooral niet afwachten tot het waterschap met een kant en klaar plan bij ze langskomt. En andersom, waterschappen kunnen gemeenten ruimte bieden zich als een volwaardige partner te presenteren, meent Rasenberg.
Een voorbeeld is snel gegeven: ,,Stel dat een waterschap van plan is op een paar plaatsen langs een vijftig kilometer lange beek, die door drie gemeenten loopt, aan de slag te gaan met een meer meanderende loop en waterberging. Laat de gemeenten dan bepalen waar iets moet gebeuren. Misschien valt de ingreep dan makkelijk te combineren met andere wensen, zoals ruimte voor recreatie. Het waterschap kan gemeenten daartoe uitnodigen. Zo maak je medebeslissers. Als je de anderen met een kant en klaar plan voor voldongen feiten stelt, verzandt je in nare situaties. En wat ook van belang is: je maakt op deze manier de laagst mogelijke maatschappelijke kosten.'' ,,Nog mooier zou het zijn als gemeenten zelf het initiatief nemen. Waarbij ze graag gebruik maken van de deskundigheid bij het waterschap.''

Sonja Rasenberg, een van de twee waterambassadeurs in het KRW-gebied Rijn-Oost, sinds vijf maanden op tournee . ,,Het mooiste is als gemeenten zelf initiatief nemen.'' Foto: Jan van den Brink
Rasenberg beseft na haar jarenlange ervaring in de watersector en de recente bezoeken aan een twintigtal gemeenten en regio's, dat haar ideaal vaak lastig te bereiken is. ,,Het is natuurlijk zo dat gemeenten heel veel onderwerpen op het bordje hebben liggen. Bij alle ruimtelijke onderwerpen hebben ze het primaat. Zodat de expertise of de tijd ontbreekt om er nog een initiatief bij te nemen.''
Rasenberg zou een slechte ambassadeur zijn als ze geen antwoord achter de hand heeft. ,,Gemeenten zien de komende jaren een trits aan onderwerpen op zich af komen. Dan is het wel zo prettig als ze in samenhang worden gepresenteerd. In plaats van je telkens apart te moeten verdiepen in veiligheid, de waterketen, de overstromingsrichtlijn, het verbreed rioolrecht. En in de benchmark riolering die volgend jaar komt, met het rapport-Veerman. Allemaal onderwerpen waar gemeenten en regio's ook iets mee moeten. Door ze binnen het verband van Rijn-Oost eerst bestuurlijk en vervolgens ambtelijk op te pakken, kan er per gemeente veel tijd en energie worden bespaard.''
Op regionale schaal dringt dat besef snel door, merkt ze. Met rioleringsdeskundigen beleefde ze kort voor het interview een moment van 'wow, dat er zoveel te doen is'. Binnen de kortste keren had het groepje de twintig eerste onderwerpen op een rij. De een gaat zich buigen over de transparante toerekening van de kosten voor het verbrede rioolrecht, de ander wordt regionaal expert bij een nieuw type bergbezinkbassin.
De rol van de waterambassadeur bij deze ontmoeting: ,,Ik probeer het vuurtje brandende te houden door aan te sturen op een duidelijke overlegstructuur en goede verdeling van onderwerpen. Voor de komende twee jaar, want zo'n regionaal overleg moet zichzelf niet overleven. Verder? Als ik merk dat er te weinig werkuren voor zinvolle onderwerpen beschikbaar zijn, ga ik eens met de bestuurders praten.''
Waterambassadeur Rasenberg hoopt dat de Oost-Nederlandse gemeenten op watergebied hun samenwerking blijven ontwikkelen, ook wanneer de stroomgebiedsplannen voor Rijn-Oost in oktober definitief zijn vastgesteld. Het zou een bekroning van haar werk zijn. ,,Het grote voordeel, afgezien van de slimmere aanpak op watergebied waar we allemaal wat aan hebben: Rijn-Oost wordt voor 'Den Haag' dan een belangrijke gesprekspartner. Het rijk kan met zijn vragen in de toekomst immers makkelijker bij een grote partij ons terecht. En omgekeerd, onze vragen en verzoeken zullen bij het rijk meer effect sorteren.''


