Schematiseringsfactor

Homepage > Onderwerpen > Waterveiligheid > Meest gestelde vragen > Schematiseringsfactor

Schematiseringsfactor

Inhoud pagina: Schematiseringsfactor

Waar is meer informatie te vinden over schematiseringsfactor?

Gebruik van de schematiseringfactor bij controle van dijkstabiliteit.

Doel:

Doel van de cursus is om deelnemers vertrouwd te maken met de achtergrond en het gebruik van de schematiseringfactor, bij ontwerp- en toetsanalyses van de macrostabiliteit van dijken. Deze schematiseringfactor is in de in 2007 uitgekomen Leidraad Rivieren geïntroduceerd.

Aanleiding:

Bij het opstellen van de nieuwe Leidraad Rivieren en de bijbehorende addenda is het stelsel van partiële veiligheidsfactoren voor de controle op de taludstabiliteit (macrostabiliteit binnenwaarts) herijkt. Deze herijking, die nodig was om verschillende redenen en wenselijk vanwege nieuwe ontwikkelde inzichten sinds het verschijnen van de oude Leidraad voor het ontwerpen van rivierdijken. De herijking heeft geleid tot een ander stelsel van materiaal- en schadefactoren, waarbij tegelijkertijd een nieuw fenomeen is geïntroduceerd, namelijk de schematiseringfactor. Deze dient om onzekerheden af te dekken bij het schematiseren van ondergrondopbouw en waterspanningen ten behoeve van de controle van macrostabiliteit. In het format voor stabiliteitscontrole is deze schematiseringfactor op dezelfde wijze verwerkt als de schadefactor en rekenmodelonzekerheidsfactor.

In het addendum bij het technische rapport waterkerende grondconstructies (TRWG) is een voorgesteld voor de schematiseringfactor een waarde van 1,30 aan te houden; die waarde mag gereduceerd worden, tot ten minste 1,10, op basis van gevoeligheidsanalyses van de schematisering van ondergrondopbouw en waterspanningen, die gekozen is voor de controleanalyses op macrostabiliteit van het ontwerp van een dijk of van een dijkversterking. Criteria voor die gevoeligheidsanalyses zijn niet gegeven. Deze zijn later geformuleerd in het Addendum I bij de Leidraad Rivieren; hierbij ging het om voorlopige handreikingen. In het kader van SBW-onderzoek is een schematiseringtheorie ontwikkeld. Dit is een theoretisch denkmodel waarmee invulling gegeven kan worden aan de gevoeligheidsanalyse. In het voetspoor hiervan is een praktisch stappenplan voor de opzet van een schematiseringanalyse en de keuze van de schematiseringfactor opgezet door Fugro en Deltares; dit stappenplan is daarna nader uitgewerkt door Arcadis.

Doelgroep:

Medewerkers van overheidsdiensten (rijk, provincie, waterschappen) en medewerkers van kennis- en ingenieursbureaus, die technisch inhoudelijk betrokken zijn bij de toetsing op grondmechanische veiligheid van dijken en/of het ontwerpen van dijken of dijkversterkingen.

Veronderstelde voorkennis:
Er wordt van uitgegaan dat deelnemers aan de cursus kennis hebben van de grondmechanische aspecten bij het toetsen of ontwerpen van dijken of dijkversterkingen. De cursus is niet bedoeld als opleiding "grondmechanisch toetsen van dijken".

Wat wordt geleerd?

Wat geleerd wordt is hoe omgegaan wordt met onzekerheden bij het schematiseren, van ondergrondopbouw, waterspanningen etc., bij controles van de macrostabiliteit van dijken. Hierbij is het gebruik van schematiseringtheorie en schematiseringfactor een hulpmiddel. Het stappenplan om te komen tot een vereiste schematiseringfactor staat hierbij centraal. Ook krijgt de deelnemer duidelijkheid in welke situaties wel en niet met een schematiseringfactor moet worden gewerkt.

Aan de rechterkant van het scherm vindt u diverse document die u verder helpen.

 

Helpdesk Water